Wanneer je als culturele organisatie cultuurwerkers van buiten de EU uitnodigt voor artistieke of culturele prestaties kan je geconfronteerd worden met vragen rond verblijf en tewerkstelling.

Een Filipijns theatergezelschap wordt gevraagd om hun voorstelling in België te presenteren. Een Malinese band is op doorreis in Europa en start haar tour in België. Een Boliviaanse beeldend kunstenaar komt op residentie in Brussel.

Op al deze internationale verplaatsingen zijn specifieke regels van toepassing die vooral betrekking hebben op het verblijfsrecht en het recht om te werken.

We overlopen waar je als culturele organisatie rekening mee moet houden als je cultuurwerkers uit landen van buiten de EU tewerk wil stellen en/of waar de cultuurwerker zelf rekening mee moet houden.

Over wie gaat het?

België maakt deel uit van de Europese Unie. De lidstaten van de Europese Unie maken gezamenlijke afspraken (soms met extra landen) rond verblijven en werken in deze landen.

De informatie in dit artikel is van toepassing op personen die een nationaliteit hebben van een land buiten de Europese Economische Ruimte (= EU-lidstaten + Ijsland + Lichtenstein + Noorwegen) + Zwitserland en niet in deze landen wonen. Ook staatslozen vallen hieronder.

Voor informatie rond werken en verblijven van EU-burgers kan je hier terecht.

Crisis Oekraïne

Voor mensen uit Oekraïne en Rusland gelden in principe de regels voor niet-EU-burgers. 

Meer info over de rechtspositie van Oekraïners kan je hier vinden. 

Meer info over de rechtspositie van Russen kan je hier vinden.

Als een persoon uit een land buiten de EU in België wilt werken, dan moeten we nagaan of die persoon dit kan op basis van het verblijfsrecht (= het recht om in België te verblijven) en daarnaast ook of dit toegelaten is in een tewerkstellingscontext (= het recht om in België te werken). Beide voorwaarden moeten vervuld zijn.

Sinds 1 januari 2019 vermelden alle verblijfstitels die door België zijn uitgegeven een vermelding over de toegang tot de arbeidsmarkt: ‘Arbeidsmarkt: beperkt’, ‘Arbeidsmarkt: onbeperkt’ of ‘Arbeidsmarkt: neen’. Niet-Europeanen die het recht hebben om in België te werken en te verblijven kunnen vergezeld worden door hun echtgenoot, geregistreerde partner of kinderen.

Verblijfsrecht

Eerst en vooral zullen we moeten nagaan of de cultuurwerkers toegelaten zijn op het Belgische grondgebied.

Het verblijfsrecht is (gedeeltelijk) Europees geregeld. België behoort samen met nog enkele andere landen tot het Schengengebied. De Schengenlidstaten maken gezamenlijke afspraken om personen van buiten de EU toe te laten op hun grondgebied.

Bij het recht om in België te verblijven wordt een onderscheid gemaakt tussen:

  • a. verblijf voor korte duur (= kort verblijf)
  • b. verblijf voor lange duur (= lang verblijf)

a. Kort verblijf

We spreken over een kort verblijf wanneer het verblijf maximaal 90 opeenvolgende dagen duurt in een referteperiode van 180 dagen. De Europese Commissie heeft een calculator ontwikkeld om na te gaan of personen aan deze regel voldoen.

Voor een kort verblijf in het Schengengebied (waar België deel van uitmaakt) dient de cultuurwerker te beschikken over een visum kort verblijf. 

In bepaalde gevallen ben je als niet-EU-burger vrijgesteld tot het aanvragen van een visum kort verblijf:

Crisis Oekraïne

Oekraïners zijn vrijgesteld van de visumplicht als zij over een biometrisch paspoort beschikken. Oekraïners die niet over een biometrisch paspoort beschikken en zich nog buiten de Schengenzone bevinden dienen een visum aan te vragen bij de Belgische ambassade van een gastland buiten de EU, zoals Roemenië of Moldavië. De Belgische ambassade in Kiev is immers gesloten.

De 90 dagen-regel zal volgens DVZ nogmaals met 90 dagen worden verlengd als een veilige terugkeer naar Oekraïne niet mogelijk is.

Oekraïners die zich al in België bevonden en niet kunnen terugkeren kunnen hun kort verblijf verlengen. Voor meer info zie de website van AGII.

Voor mensen uit Rusland vervallen de soepele voorwaarden voor visumaanvragen kort verblijf. Zij dienen aan de algemene voorwaarden voor derdelanders te voldoen.

Als er geen vrijstelling geldt voor het visum kort verblijf, zal de cultuurwerker dit visum moeten aanvragen. Als de cultuurwerker eerst naar België komt, dient een visum kort verblijf aangevraagd te worden bij de bevoegde Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland. Info over de aanvraag van een visum kort verblijf voor culturele activiteiten kan je hier terugvinden.

 

Binnenkomstvoorwaarden

Zowel personen die een visum kort verblijf dienen aan te vragen als personen die hiervan vrijgesteld zijn, zullen bij het betreden van het Belgisch grondgebied moeten voldoen aan een aantal binnenkomstvoorwaarden. Zo moeten zij de volgende zaken aantonen:

  • het reisdoel;
  • de verblijfsomstandigheden in België;
  • beschikken over voldoende bestaansmiddelen voor de verblijfskosten en de terugreis;
  • een reisverzekering voor medische bijstand hebben lopen;
  • het centrum van belangen in het land van herkomst blijven behouden;
  • dat er geen sprake is van fraude;
  • niet gesignaliseerd zijn of geen gevaar vormen voor de openbare orde.

Meer info over deze binnenkomstvoorwaarden kan je hier terugvinden.

 

Aanmelding bij de gemeente

Niet-Europeanen dienen zich binnen de 3 werkdagen na aankomst aan te melden bij de gemeente waar ze verblijven. Ze ontvangen in dat geval een aankomstverklaring (bijlage 3). Er is geen aanmelding nodig bij de gemeente als ze in een hotel, camping, jeugdherberg of ziekenhuis verblijven.

Als de cultuurwerker een visum heeft of hiervan vrijgesteld is, dan kan binnen het Schengengebied gereisd worden. Als ze daarnaast ook van plan zijn om te werken, hebben ze mogelijks naast het visum ook een arbeidskaart, gecombineerde vergunning of beroepskaart nodig. Dit zal afhankelijk zijn van wat er gedaan wordt en van het land waar gewerkt wordt (zie verder onder Werkgunning).

b. Lang verblijf

We spreken over een lang verblijf wanneer het verblijf meer dan 90 opeenvolgende dagen duurt.

Als je voor een periode langer dan 90 dagen op het grondgebied van België of een andere Schengenstaat wenst te verblijven, zal je dit enkel mogen doen op basis van een wettelijk verblijfsrecht dat jou dat toelaat. Het langdurig verblijfsrecht is binnen het Europees recht minder gecoördineerd dan het kort verblijf. Elke lidstaat heeft eigen regels rond het langdurig verblijfsrecht.

Je kan op basis van verschillende redenen een langdurig verblijfsrecht verkrijgen. Een langdurig verblijfsrecht kan toegekend worden bij:

  • een gezinshereniging,
  • een humanitaire regularisatie,
  • internationale bescherming,
  • arbeidsmigratie,
  • slachtoffers van mensenhandel,
  • een humanitair visum,

Veel zal afhangen van de concrete situatie van de cultuurwerker. Voor meer uitgebreide informatie rond deze verblijfsrechten kan je terecht op de website van het Agentschap Integratie & Inburgering.

Crisis Oekraïne

Op 3 maart 2022 hebben de EU lidstaten beslist om Oekraïners die niet naar hun land kunnen terugkeren een onmiddellijke en tijdelijke bescherming te bieden. Dienst Vreemdelingenzaken raadt aan om op dit statuut beroep te doen en geen internationale bescherming aan te vragen (zodat het asielsysteem niet zou worden overbelast). Meer info over dit statuut en hoe je dit kan aanvragen, kan je vinden op de website van het Agentschap Integratie & Inburgering.

Met het attest van tijdelijke bescherming of de e-mailuitnodiging kan je je aanmelden bij het gemeentebestuur waar je verblijft. Na een positieve woonstcontrole zal de gemeente je inschrijven in het vreemdelingenregister. De gemeente zal een elektronische A-kaart afleveren, of in afwachting een bijlage 15. De bijlage 15 is 45 dagen geldig. Een A-kaart voor Oekraïners is geldig tot 4 maart 2023, daarna eventueel verlengbaar met 6 maanden tot in totaal maximum 3 jaar.

Personen met een statuut als tijdelijke beschermde hebben recht op maatschappelijke dienstverlening en in die zin recht op een leefloon als ze behoeftig zijn of recht op het Groeipakket in Vlaanderen of op Brusselse gezinsbijslagen.

Naast een statuut als tijdelijk beschermde kunnen Oekraïners ook internationale bescherming aanvragen of andere verblijfsprocedures doorlopen.

 

Hieronder overlopen we de regels die gekoppeld zijn aan het recht om in België te werken, toegepast op cultuurwerkers:

Werkvergunning

De regels rond werken in België verschillende naargelang van hoe je aan de slag gaat:

  • a. als werknemer voor een werkgever
  • b. als zelfstandige

Bij een onbeperkt verblijfsrecht mag je steeds in België werken. Erkende vluchtelingen of subsidiair beschermden mogen ook werken. Meer info daarover vind je op de website van het AGII.

a. Werknemer

Niet-EU-burgers die als werknemer in België aan de slag willen voor maximaal 90 dagen dienen daarvoor een arbeidskaart aan te vragen. Om te mogen werken als werknemer in België voor meer dan 90 dagen moet een gecombineerde vergunning aangevraagd worden.

Crisis Oekraïne

Oekraïners die tijdelijke bescherming (zie boven) hebben aangevraagd en op die manier een elektronische A-kaart of bijlage 15 hebben ontvangen mogen in België werken en hebben onbeperkte toegang tot de arbeidsmarkt. Zij mogen ook vrijwilligerswerk verrichten als ze over deze documenten beschikken.

i. Arbeidskaart

Voor een tewerkstelling als werknemer voor maximaal 90 dagen moet een arbeidskaart aangevraagd worden. Ook tewerkstellingen van een kortere duur dan 90 dagen vallen hieronder.

De aanvraag van een arbeidskaart is een bevoegdheid van de gewesten. Als werkgever vraag je de arbeidskaart aan. Bij goedkeuring krijgt de werknemer een arbeidskaart en de werkgever een arbeidsvergunning.

Bij de bevoegde gewestelijke instanties kan je nagaan wat de te volgen stappen zijn:

Voor schouwspelartiesten geldt een vrijstelling van de arbeidskaart voor artiesten en hun begeleiders als ze internationale faam genieten. In de praktijk moeten ze in minstens 3 landen bekend zijn. In dat geval mogen ze voor maximaal 21 dagen in Vlaanderen (of 90 dagen in Brussel) werken als werknemer zonder dat ze een arbeidskaart dienen aan te vragen. Je vindt meer informatie op de site van het Agentschap integratie en inburgering.

Als ze geen internationale faam genieten of ze komen voor een periode van meer dan 21 dagen in Vlaanderen werken, dan moet de werkgever een arbeidskaart aanvragen.

Bij de aanvraag van een arbeidskaart dient een arbeidsmarktonderzoek gevoerd te worden. Bij zo’n arbeidsmarktonderzoek zal er nagegaan worden of er in België andere werknemers zijn die voldoen aan de functie waarvoor je de cultuurwerker wil aanwerven.

Voor schouwspelartiesten bestaat een vrijstelling van het arbeidsmarktonderzoek als ze een minimum jaarlijks bruto inkomen hebben van 36.109 euro in het Vlaamse Gewest (in 2022) of 36.786 euro in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (in 2022). Zoniet, zal een arbeidsmarktonderzoek volgen.

Als er geen vrijstelling van een arbeidskaart van toepassing is, dient de werkgever voor de uitvoering van de tewerkstelling een Limosa-aangifte te doen.

ii. Gecombineerde vergunning (single permit)

Komt de werknemer voor meer dan 90 werken in België? Dan dien je een gecombineerde vergunning aan te vragen. De gecombineerde vergunning omvat zowel een recht tot verblijven als een recht om te werken.

De aanvraag van een gecombineerde vergunning is een bevoegdheid van de gewesten. De werkgever vraagt de gecombineerde vergunning aan bij de bevoegde gewestelijke dienst.

De voorwaarden waaraan voldaan moet worden kan je terugvinden via de websites van de gewesten:

Via de volgende websites kan je nagaan wat de te volgen stappen zijn:

Sinds 3 mei 2021 kan je een aanvraag voor een gecombineerde vergunning indienen via één centraal loket: Working in Belgium. Hierdoor zal je niet meer bij de afzonderlijke regio's een gecombineerde vergunning (single permit) moeten aanvragen maar kan je de aanvraag en procedure opvolgen op één centraal punt.

Bij de aanvraag van een gecombineerde vergunning dient een arbeidsmarktonderzoek gevoerd te worden. Bij zo’n arbeidsmarktonderzoek zal er nagegaan worden of er in België andere werknemers zijn die voldoen aan de functie waarvoor je de cultuurwerker wil aanwerven.

Voor schouwspelartiesten bestaat een vrijstelling van het arbeidsmarktonderzoek als ze een minimum jaarlijks bruto inkomen hebben van 36.109 euro in het Vlaamse Gewest (in 2022) of 36.786 euro in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (in 2022). Zoniet, zal een arbeidsmarktonderzoek volgen.

De cultuurwerker kan een toelating tot arbeid krijgen voor bepaalde of voor onbepaalde duur. Voor de voorwaarden waaronder dit kan, verwijzen we voor Vlaanderen door naar de website van de Vlaamse overheid en voor Brussel naar de website van het AGII.

De Vlaamse overheid heeft ook een simulator uitgewerkt om na te gaan of je toekomstige werknemer behoort tot een categorie van buitenlanders die een toelating tot arbeid moet aanvragen.

Voor het aanwerven van een werknemer kan je nagaan aan welke formaliteiten je moet voldoen. De werkgever dient voordat het werk wordt uitgevoerd een Limosa-aangifte te verrichten.

b. Zelfstandige

Een zelfstandige heeft nood aan een beroepskaart. De aanvraag van een beroepskaart is ook een gewestelijke materie. Voor Vlaanderen werden deze regels sinds 1 januari 2022 vernieuwd.

Zelfstandige artiesten zijn vrijgesteld voor het aanvragen van een beroepskaart indien zij voor minder dan 3 maanden in België willen komen werken. Deze vrijstelling geldt ook voor de begeleiders van de zelfstandige artiest. 

Als ze langer dan 3 maanden in België willen verblijven en hier werken, zal een beroepskaart nodig zijn.

Bij de bevoegde gewestelijke instanties kan je nagaan wat de te volgen stappen zijn:

De kostprijs voor de aanvraag van een beroepskaart bedraagt 140 euro.

Crisis Oekraïne

Oekraïners die tijdelijke bescherming (zie boven) hebben aangevraagd moeten nog steeds een beroepskaart volgens de algemene regels aanvragen als zij zich willen vestigen als zelfstandige.

Niet-EU-burgers zullen ook moeten voldoen aan de sociale verplichtingen van zelfstandigen in België. Met sommige landen werden akkoorden gesloten om onder bepaalde voorwaarden af te wijken van het betalen van sociale bijdragen in België zodat ze verzekerd blijven in het land van herkomst.