Giften aan erkende instellingen (zoals bepaalde vzw’s) kunnen voor een particulier of vennootschap een belastingvermindering opleveren. 

Dat is interessant voor diegene die de gift doet, maar zeker ook voor de ontvangende instelling, die hiermee een (extra) inkomen verwerft.

Let op: het gaat hier om giften, nl. het schenken van geld zonder tegenprestatie. Dit is niet hetzelfde als bv. sponsoring. Bij sponsoring is er een tegenprestatie (bv. reclame).

Om gebruik te kunnen maken van dit systeem moeten een aantal voorwaarden vervuld zijn:
 

Image
belastingvermindering giften algemeen

Belastingvermindering

Personenbelasting

De belastingvermindering bedraagt 45% van het werkelijk gestorte en op het attest vermelde bedrag. De vermindering wordt berekend per gezin, onafhankelijk van de naam die op het attest staat.
Het totale bedrag van de giften waarvoor vermindering wordt verleend is beperkt tot:

  • ofwel 10% van het totale netto-inkomen
  • ofwel 392.200 euro (aanslagjaar 2020 - inkomsten 2019) 

Deze bedragen gelden per belastingplichtige (niet per gezin).

Vennootschapsbelasting

Vennootschappen mogen de gift aftrekken, maar de totale aftrek is beperkt tot:

  • ofwel 5 % van de totale fiscale winst voor aftrek van die giften
  • ofwel 500.000 euro 

Een gift is daarnaast enkel aftrekbaar van de winst van het boekjaar en dus niet overdraagbaar naar latere tijdperken.

Wanneer je een gift kan aftrekken binnen je vennootschap, is het interessanter om de gift te doen met de vennootschap dan privé. Zoals gesteld leveren de aftrekbare giften een fiscaal voordeel op van 45% in de personenbelasting. Daar staat tegenover dat het nettoloon dat je hebt gebruikt om de gift te doen uit de vennootschap ongeveer 60% ‘kost’. (sociale bijdragen + belastingen). Je moet dus meer betalen om geld uit de vennootschap te halen dan het oplevert.
 

De gift bedraagt minimum 40 euro per instelling

De gift moet minstens 40 euro bedragen, per kalenderjaar en per instelling.

De instelling moet erkend zijn

Overzicht mogelijke erkende instellingen

Alleen instellingen die erkend zijn mogen fiscale attesten uitreiken. Die erkenning kan volgen uit de wet of na het doorlopen van een procedure. De erkenning hangt af van het soort activiteiten dat ze uitoefenen. De wet heeft de erkende of te erkennen categorieën van instellingen duidelijk omschreven.

Concreet gaat het over het volgende:

Door de wet erkend
(geen procedure nodig)

Erkenning door de minister van financiën / bevoegde minister na procedure

  • de universiteiten en erkende universitaire ziekenhuizen
  • de hogescholen
  • de Koninklijke academiën
  • het Federaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek
  • het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen – FWO
  • het "Fonds de la Recherche Scientifique - FNRS"
  • de Openbare Centra voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW)
  • het Rode Kruis van België
  • de Koning Boudewijnstichting
  • de Stichting voor Vermiste en Seksueel Uitgebuite Kinderen (Child Focus)
  • het Paleis voor Schone Kunsten
  • de Koninklijke Muntschouwburg
  • de Nationaal Orkest van België
  • de Nationale Kas voor Rampenschade ten bate van het Nationaal Fonds voor Algemene Rampen of het Nationaal Fonds voor Landbouwrampen evenals de provinciale rampenfondsen
  • de beschutte werkplaatsen die, ter uitvoering van de wetgeving betreffende de sociale reclassering van de mindervaliden, opgericht of erkend zijn door de gewestregering of door de bevoegde instellingen
  • de Rijksmusea en, op voorwaarde dat de giften voor hun musea worden bestemd, de Gemeenschappen en Gewesten, de provincies, de gemeenten en de openbare centra voor maatschappelijk welzijn
  • instellingen voor wetenschappelijk onderzoek;
  • culturele instellingen;
  • instellingen die de oorlogsslachtoffers, de mindervaliden, de bejaarden, de beschermde minderjarigen of de behoeftigen bijstaan;
  • instellingen voor hulpverlening aan slachtoffers van rampen die de toepassing rechtvaardigen van de wet van 12 juli 1976 betreffende het herstel van zekere schade veroorzaakt aan private goederen door natuurrampen;
  • instellingen die zich bezighouden met het natuurbehoud of de bescherming van het leefmilieu;
  • instellingen die het behoud of de zorg van monumenten en landschappen ten doel hebben;
  • vzw's waarvan het doel erin bestaat dierenasielen te beheren;
  • instellingen die duurzame ontwikkeling ten doel hebben;
  • instellingen voor hulpverlening aan ontwikkelingslanden;
  • instellingen die hulp verlenen aan slachtoffers van zeer grote industriële ongevallen.

Erkenning culturele instellingen: voorwaarden

Wat betreft de mogelijke erkenning van culturele instellingen, moet het gaan om het “verspreiden van de cultuur”, met name op het gebied van:

  • bescherming en luister van de taal
  • aanmoediging van de vorming van navorsers
  • schone kunsten met inbegrip van toneel en film
  • cultureel patrimonium, musea en andere wetenschappelijk- culturele instellingen
  • bibliotheken, discotheken en soortgelijke diensten
  • radio-omroep en televisie
  • jeugdbeleid;
  • permanente opvoeding en culturele animatie
  • lichamelijke opvoeding, sport en openluchtleven
  • vrijetijdsbesteding en toerisme

Deze instellingen moeten ook door de Staat of één van de gemeenschappen worden gesubsidieerd. Een subsidie van een gemeente volstaat dus niet.

Het moet gaan om instellingen die rechtspersoonlijkheid bezitten, zoals een VZW of stichting. Ze moeten gevestigd zijn in België en geen gewin bejagen, noch voor haarzelf, noch voor haar organen, noch voor haar leden.

Tenslotte moet het gaan om instellingen die met hun invloed gebied één van de Gemeenschappen of het gehele land bestrijken, zodat inzonderheid de instellingen worden uitgesloten die slechts op lokaal vlak werkzaam zijn.
 

Voorbeelden

Het Toneelhuis – Bond zonder naam – FARO Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed – Koninklijk Belgisch filmarchief – Europees Muziekfestival voor de Jeugd - …

Meer inspiratie? Check de lijst met erkende instellingen (situatie 2019).

Procedure om erkend te worden

Om een erkenning te krijgen, moet er een schriftelijke aanvraag ingediend worden bij de Minister van Financiën.

De aanvraag moet gebeuren voor 31 december van elk jaar en kan niet sneller dan minstens 3 maanden na oprichting van de instelling. 

Bij de aanvraag moeten een aantal documenten worden gevoegd. Naast de aanvraagbrief zijn dat ook:

  • Een verbintenisverklaring
  • Een aantal andere documenten

In de verbintenisverklaring verbindt de instelling zich:

  • tot het dekken van de kosten van algemeen beheer geen hoger bedrag te zullen besteden dan 20 pct. van haar bestaansmiddelen van alle aard, vooraf verminderd met die welke voortkomen van andere erkende instellingen
  • aan de schenkers een ontvangstbewijs uit te reiken waarvan het model door de Minister van Financiën of zijn gedelegeerde wordt vastgesteld, en aan de administratie bevoegd voor de vestiging van de belasting binnen 2 maanden na het einde van ieder kalenderjaar van de periode waarvoor de erkenning is toegestaan, langs elektronische weg een afschrift van de tijdens dat jaar uitgereikte ontvangstbewijzen en een verzamelstaat of –attest daarvan te bezorgen overeenkomstig de modaliteiten bepaald door de Minister van Financiën of zijn gedelegeerde;
  • de ambtenaren van de administratie bevoegd voor de vestiging van de belasting toe te staan haar boekhouding te controleren telkens als zij dat nuttig achten;
  • aan de diensten die worden aangewezen door de voor de erkenning bevoegde organen van de Staat, van de Gewesten of van de Gemeenschappen, binnen een maand na het eerste verzoek van die diensten, alle inlichtingen te verstrekken die voor het onderzoek van de aanvraag om erkenning nuttig zijn.

Volgende documenten moeten ook worden voorgelegd:

  • een afschrift van de statuten en van de lijst van de bestuurders en van alle eventuele wijzigingen zoals gepubliceerd in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad. 
  • een voor eensluidend verklaard afschrift, gedagtekend en ondertekend door een persoon die wettelijk bevoegd is om de instelling te binden, van de rekening van de ontvangsten en uitgaven van het laatst afgesloten boekjaar, en een detail van de uitgavenposten met aanduiding van de beheerskosten. 
  • een voor eensluidend verklaard afschrift, gedagtekend en ondertekend door een persoon die wettelijk bevoegd is om de instelling te binden, van de begroting van het lopende boekjaar, en een detail van de uitgavenposten met aanduiding van de beheerskosten. 
  • een activiteitenkalender en werkingsverslag van het verstreken jaar, een gedetailleerde opgave van de projecten van het lopende jaar en andere stukken die doen blijken dat de werkzaamheden van de instelling gericht zijn op de desbetreffende categorieën van activiteiten  
     

Alternatief: de projectrekening Koning Boudewijnstichting (KBS)

De Koning Boudewijnstichting kan werken met projectrekeningen. Concreet komt het erop neer dat KBS fiscale attesten uitreikt aan de personen die de gift verrichten en daarna het bedrag van de giften doorstort naar de organisatie.

Aan dit systeem zijn ook voorwaarden verbonden:

Voorwaarden projectrekening Koning Boudewijn Stichting

Basisvoorwaarden

  • Bijzonder en specifiek project in dienst samenleving
  • Beperkt in tijd
  • Duidelijk realiseerbaar budget
  • Buiten gewone activiteiten
  • Geen structurele steun/bijdrage werkingskosten

Voorwaarden rond de initiatiefnemer

  • VZW of feitelijke vereniging
  • een lokale gemeenschap (gemeente, kerkfabriek en dergelijke) in België met activiteiten in dienst van het algemeen belang en die uitsluitend bezig is met non-profit activiteiten
  • beschikt niet zelf over de mogelijkheid om een fiscaal attest te verlenen
  • moet bewijzen dat hij/zij gemotiveerd is en over de nodige ervaring en deskundigheid beschikt
  • moet in staat zijn fondsenwerving voor het specifieke project te organiseren (secretariaat, adressenlijst, actieplan ...)
  • is geen actie-, drukkings- of lobbygroep

Voorwaarden rond het project

  • bijzonder en specifiek zijn, het algemeen belang dienen en geen winst nastreven
  • in de lijn liggen van de activiteiten van de Koning Boudewijnstichting
  • duidelijk gedefinieerd zijn (doelstellingen, initiatiefnemers, betrokken partners, budget en middelen)
  • de reikwijdte en looptijd moeten bepaald zijn
  • er moet een budget worden opgemaakt, evenals een gedetailleerd tijdschema
  • zich richten op het grote publiek en in dienst van de samenleving zijn
  • realistisch zijn wat de menselijke, technische en financiële middelen en competenties van de initiatiefnemer betreft

Komen NIET in aanmerking: projecten rond

  • algemene administratieve of personeelskosten (lonen, huur, verwarming, drukwerk, mailings, transportkosten,…)
  • aanvragen tot ondersteuning van de gewone activiteiten van de vereniging • evenementen, weekends, vakanties, concerten, tochten…
  • opleidingen, cursussen, workshops,…
  • financiering van informatica: websites, database, software en hardware (aankoop pc,…)
  • terugkerende initiatieven: uitgeven van een krant of magazine,…
  • investeringen in de ziekenhuissector, in het onderwijs, in jeugdbewegingen en in niet-beschermde historische gebouwen • initiatieven die geen eindpunt hebben, maar dagelijks onderhoud vragen: vb. webstek • publicaties, film, cd, dvd,...
  • wetenschappelijk onderzoek