In plaats van middelen te kopen kan je ze ook huren met een aankoopoptie of servicecontract.

Als eenmanszaak of organisatie stel je vast dat je nieuwe materialen nodig hebt. Ga je kopen, huren met een aankoopoptie of huren met een onderhoudscontract?

Zowel particulieren als eenmanszaken en ondernemingen (vzw’s en andere rechtspersonen) maken gebruik van leasing of renting. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen private lease voor particulieren en professionele leasing voor ondernemers met een ondernemingsnummer. De principes zijn dezelfde, de voorwaarden kunnen verschillend zijn.
 

Financiële leasing

Financiële leasing is een kredietvorm waarbij een leasingmaatschappij materialen en uitrusting aankoopt voor je onderneming. Hierdoor is de leasingmaatschappij de juridische eigenaar van het materiaal. De maandelijkse facturen zijn kapitaalaflossingen met interest. 

Daartegenover staat dat het bedrijf de economische eigenaar is. Het materiaal komt dus op de balans en en kan afgeschreven worden. Er volgt met andere woorden een verhoging van de schuldgraad van je onderneming.

Op het einde van het contract is er een restwaarde van maximum 15% van het investeringsbedrag. Deze restwaarde wordt vooraf bij het ondertekenen van het contract vastgelegd als de aankoopoptie. Als je op het einde van het contract het materiaal wil aankopen, dan betaal je enkel de aankoopoptie + btw.

De leasingmaatschappij vraagt doorgaans geen bijkomende waarborgen voor het aangaan van een overeenkomst, zij kan in principe terugvallen op het materiaal. Echter bij risicovoller materiaal (bijvoorbeeld als er een grote slijtage kan verwacht worden) kan zij een lagere aankoopoptie opleggen. Zo verkleint ze het risico om op het einde van het contract met materiaal achter te blijven dat ze niet meer verkocht krijgt. De maandelijkse aflossing komt daardoor hoger te liggen.

Je onderneming staat in voor de verzekering en onderhoud van het materiaal.
 

Financiële renting

Bij financiële renting koopt de leasingmaatschappij evengoed het materiaal aan maar we spreken niet meer van een kredietovereenkomst. 

In tegenstelling tot financiële leasing wordt hier geen onderscheid gemaakt tussen juridische & economische eigendom. De verhuurder, dus de leasingmaatschappij, blijft volledig eigenaar van het materiaal. 

Daardoor komt het niet op de balans van de onderneming en is er geen verhoging van de schuldgraad. De maandelijkse facturen zijn onkosten en komen in de resultatenrekening.  

Bij financiële renting is er ook een aankoopoptie aan het einde van het contract, die bedraagt minimum 16% van het investeringsbedrag. Ook hier sta je zelf in voor het verzekeren en onderhoud van het materiaal. 
 

Operationele renting

Operationele renting is een all-in oplossing waarbij ook onderhoud, verzekering en andere kosten kunnen inbegrepen zijn. Er is geen aankoopoptie op het einde van het contract. Als je onderneming het materiaal toch zou willen aankopen dan kan dat aan de marktprijs. 

Waarom leasing of renting?

Financiële leasing

Als alternatief voor een lening wordt al eens naar leasing gekeken. De btw-plichtige onderneming moet dan geen btw voorschieten op de aankoop. Daarnaast wordt er voor leasing meestal geen bijkomende waarborg gevraagd. 

Financiële renting 

Het materiaal wordt niet opgenomen in de balans en er is dus geen verhoging van de schuldgraad. Soms wordt op het einde van het jaar nog een renting opgestart met een eerste verhoogde huur. Daardoor kan deze huur nog in de kosten opgenomen worden. 

Operationele renting

Operationele renting is een full service contract. Interessant als het belangrijk is dat het materiaal goed onderhouden wordt en je zelf geen personeel hebt om dat op te volgen. Bij wagens wordt het vooral gedaan als er verschillende wagens in de organisatie zijn. Zo hoef je je geen zorgen te maken over planning van onderhoud en verzekering. Ook voor jonge bestuurders kan het een oplossing zijn omdat hun verzekeringskost vaak zeer hoog ligt.
 

Bij wie kan je leasen?

Het meest courante voorbeeld is een auto, maar ook andere machines en uitrusting kunnen geleased worden. Denk aan muziekinstrumenten, studiomateriaal, camera’s, 3D printers,.. De leasinggever kan een leverancier zijn of een leasingmaatschappij. Soms is er een tussenpersoon zoals een autogarage die een commissie krijgt voor het realiseren van een leasingcontract. 

Als de leverancier de optie tot leasing aanbiedt, kan je samen bekijken welke de voorwaarden zijn. Een leverancier zal dit aanbieden om verschillende redenen. Specifieke, dure materialen voor een sector zijn vanwege hun specifieke karakter of grotere slijtage niet interessant voor een leasingmaatschappij. Soms ziet de leverancier een commerciële opportuniteit zoals het leasen van kleinere materialen, bijvoorbeeld koffiezetautomaten. 

De leasingmaatschappij is bereid om verschillende soorten materialen aan te kopen en te verhuren. Zij kijkt wel naar de kwaliteit van de leverancier en het materiaal. Ook de slijtage speelt een grote rol. Immers, na afloop van het huurcontract heeft de leasingnemer de keuze om al dan niet aan te kopen. Als hij niet aankoopt zal de leasingmaatschappij het materiaal moeten verkopen. Bij grote kans op slijtage zal de leasing ofwel duurder aangeboden worden, of op kortere termijn, of met de afspraak dat de optie tot kopen met zekerheid zal doorgaan.

Een tussenpersoon of verdeler heeft een overeenkomst met de leasingmaatschappij om leasingcontracten aan te bieden. De goedkeuring zal altijd nog door de leasingmaatschappij genomen worden. Bovendien zijn deze leasecontracten vaak ook duurder vanwege de commissie voor de tussenpersoon.