Heb je geen recht op een kunstwerkuitkering, maar wel op een gewone werkloosheidsuitkering? Oefen je daarnaast een zelfstandig artistiek bijberoep uit?

Dan moet je voor 1 januari 2023 een nieuwe aangifte indienen bij jouw uitbetalingsinstelling om die activiteiten te mogen blijven uitoefenen.

Waarom deze aangifte?

Sinds 1 oktober 2022 gelden nieuwe regels rond de kunstwerkuitkering. De vroegere regels in het kader van ‘het kunstenaarsstatuut’ zijn niet meer van toepassing. 

Voor 1 oktober kon je een artistiek bijberoep starten en overdag uitoefenen naast een uitkering. Sinds 1 oktober kan je dit enkel nog binnen de kunstwerkuitkering. 

Ontvang je geen kunstwerkuitkering, dan val je voor de uitoefening van een artistiek bijberoep naast een uitkering terug op de gewone regels.

Wat zijn de gewone regels?

Volgens de gewone regels mag je een zelfstandig bijberoep uitoefenen met een uitkering onder de volgende voorwaarden:

  1. Je moet de activiteiten aangeven bij je uitbetalingsinstelling.
  2. Je moet de activiteiten reeds 3 maanden uitoefenen tijdens de periode die de werkloosheid voorafgaat.
  3. Je mag de activiteiten enkel uitoefenen voor 7u en na 18u (van toepassing van maandag tot vrijdag).
  4. Het gaat om een nevenactiviteit die bijkomstig is.
  5. Het gaat niet om een niet-toegelaten activiteit.

1. Aangifte

Je moet een nieuwe aangifte doen via een C1-formulier en een C1A-formulier als je die zelfstandige activiteiten wil blijven uitoefenen. De aangifte doe je bij je uitbetalingsinstelling (vakbond of hulpkas voor werkloosheidsuitkeringen).

Ook al heb je voor 1 oktober 2022 een artistieke activiteit aangegeven via een C1-artiest-formulier, dan nog moet je een nieuwe aangifte doen om die activiteit te mogen blijven  uitoefenen.

De aangifte moet ten laatste tegen 31 december 2022 bij de RVA ontvangen zijn.

Als je een kunstwerkuitkering aanvraagt, en die wordt je geweigerd, dan heb je 2 maanden de tijd om die aangifte te doen vanaf het moment dat de weigering aan jou werd meegedeeld.

2. De voorwaarde van 3 maanden

Je moet de nevenactiviteit gedurende ten minste 3 maanden uitgeoefend hebben tijdens de periode als werknemer voordat je werkloosheidsuitkeringen ontving.

Heb je een bijberoep opgestart tijdens het ontvangen van een uitkering, dan kom je waarschijnlijk niet in aanmerking voor deze voorwaarde. De RVA maakt hierop een uitzondering en geeft aan kunstenaars een vrijstelling op de voorwaarde van 3 maanden. 

De vrijstelling op de voorwaarde van 3 maanden geldt enkel onder de volgende voorwaarden:

  • Je hebt de artistieke activiteit aangegeven vóór 1 oktober 2022 via een C1-artiest-formulier.
  • Je hebt minstens één uitkering ontvangen tussen 1 oktober 2019 en 30 september 2022.
  • Je valt niet onder de regels van de kunstwerkuitkering en hebt hier ook geen afstand van gedaan.

3. Occasionele uitoefening

Je mag de activiteit van maandag tot vrijdag niet regelmatig overdag uitoefenen, voornamelijk dus vóór 7 uur of na 18 uur. De RVA laat wel toe om de activiteit occasioneel uit te oefenen. 

Op dagen waarop je de activiteit uitoefent, moet je een vakje op je controlekaart schrappen.

4. De activiteit is bijkomstig

De activiteit die je uitoefent naast een uitkering moet bijkomstig zijn. De RVA kijkt hiervoor naar verschillende elementen zoals de tijd die je spendeert aan het bijberoep, de inkomsten die je eruit haalt, de investeringen die je doet, enzovoort …

5. Het gaat niet om een uitgesloten activiteit

Bepaalde activiteiten mag je niet via een bijberoep combineren met een uitkering. Het gaat om activiteiten in de horeca, de bouw of activiteiten in het kader van voorstellingen in de dans-, muziek- of theaterwereld.

Je valt onder de voorwaarden van de gewone regels

Dan kan je inkomsten uit dat bijberoep onbeperkt combineren met een uitkering tot 5.007,60 euro (netto) per jaar.

Je valt niet onder de voorwaarden van de gewone regels

Dan kan je het recht op een uitkering verliezen als je dat bijberoep blijft uitoefenen. Je hebt immers geen geldige toestemming van de RVA. Enkel als de RVA aanvaardt dat je de activiteit occasioneel uitoefent, en je vakjes zwart maakt op dagen waarop je werkt aan die activiteit, kan je de uitkering behouden.

Springplank naar zelfstandigen

Sinds 1 oktober 2022 kunnen kunstenaars ook beroep doen op de springplank naar zelfstandige. Onder de springplank-regeling kan je gedurende 12 maanden een zelfstandigheid combineren met een werkloosheidsuitkering. Na 12 maanden kies je om de zelfstandigheid uit te oefenen in hoofdberoep of opnieuw uitkeringen te krijgen. Voorheen was de springplank niet toegelaten voor artistieke activiteiten.

Kunstwerkers komen niet in aanmerking voor een springplank naar zelfstandige. Kunstwerkers kunnen wel steeds een bijberoep combineren met hun kunstwerkuitkering.