Met welke vragen kan je bij Cultuurloket terecht?

We krijgen heel wat vragen binnen via ons contactformulier over de hervorming van het kunstenaarsstatuut. Om ervoor te zorgen dat je met je vragen bij de juiste organisatie aanklopt, lijsten we even op waarvoor je bij ons terecht kan. Neem contact met ons op als je...

  • wilt weten of je in aanmerking komt voor de kunstwerkuitkering (voor de praktische zaken van je aanvraag kan je best contact opnemen met je uitbetalingsinstellingen, zij dienen deze in bij de RVA).
  • wilt begrijpen welk statuut voor jou interessant is (zelfstandige of werknemer).
  • wilt weten hoe de kunstwerkuitkering past binnen je bredere verdienmodel.
  • wilt weten hoe je naast de kunstwerkuitkering kan bijverdienen.
  • andere vragen hebt over werken of tewerkgesteld worden in de cultuursector.

De hervorming van het oude ‘kunstenaarsstatuut’ is op gang gekomen. Voortaan spreken we van een kunstwerkuitkering. Dit gaat over de voordeelregels voor kunstwerkers in de werkloosheidsreglementering. De regels zijn vanaf 1 oktober 2022 van toepassing in heel België.

Ben je artistiek, technisch-artistiek of ondersteunend artistiek aan het werk in België? Dan kom je misschien in aanmerking voor de kunstwerkuitkering.

In dit artikel geven we je meer uitleg over:

Image
Inhoudstafel kunstwerkuitkering

Hervorming van de regels

Het recht op een kunstwerkuitkering kadert in een brede hervorming rond het statuut van de kunstwerker. Je kan de samenvatting daarvan alvast op onze website vinden.

Recht op een uitkering

Kunstwerkers kunnen recht hebben op een kunstwerkuitkering vanaf 1 oktober 2022.  

Kunstenaars en technici die op 30 september 2022 recht hadden op de neutralisering van de uitkering krijgen automatisch recht op de kunstwerkuitkering. Je hebt recht op een kunstwerkuitkering voor een periode van 36 maanden (dus tot 30 september 2025). 

Had je op 30 september 2022 nog geen recht op een neutralisatie van de uitkering? Dan kan je een kunstwerkuitkering aanvragen als je: 

  • 156 gewerkte dagen (of het equivalent hiervan via de cachetregel) bewijst; 
  • waarvan minstens 104 artistieke of technisch-artistieke dagen. 

De kunstwerkuitkering vraag je aan via jouw uitbetalingsinstelling (vakbond of hulpkas voor werkloosheidsuitkeringen) via een formulier C181, samen met een C1-attest in geval van een eerste uitkeringsaanvraag of bij een wijziging van je persoonlijke situatie. 

Om jullie te helpen bij de aanvraag van deze uitkering hebben we een stappenplan uitgewerkt:

Laatst gewijzigd: 02/11/2022 - 15:12

Stappenplan: Uitkeringsaanvragen

Sociale statuten

Tools

Bewijs van gewerkte dagen

Enkel dagen die je gewerkt hebt als werknemer (waarbij het minimumloon gerespecteerd is en sociale bijdragen betaald zijn) tellen mee. 

Als je voltijds (38u) werkt gedurende een week, zijn dat voor de RVA  6 arbeidsdagen. Als de arbeidsduur uitgedrukt is in uren, moet je het aantal uren vermenigvuldigen met 6 en delen door 38.  

Voorbeeld

Een muzikante heeft op maandag 4 en op woensdag 5,5 uur gewerkt.   

(4 + 5,5) x 6 : 38 = 1,5 arbeidsdagen. 

Cachetregel

Voor kunstenaars bestaat er een afwijkende berekeningsregel om hun aantal gewerkte dagen te bewijzen. Deze regel geldt enkel voor artistiek werk, niet voor technisch-artistiek of ondersteunend-artistiek werk.  

Als je artistiek werk doet en daarvoor een taakloon krijgt, past de RVA de cachetregel toe om het aantal arbeidsdagen te berekenen. Een taakloon betekent dat je werkt als werknemer (of in toepassing van artikel 1bis RSZ-wet) en dat je een loon krijgt voor een bepaalde prestatie of taak. Er is dus geen verband tussen de vergoeding en het aantal uren of dagen dat je werkt. Als je hiervan gebruik wilt maken, dan moet de arbeids- of 1bis-overeenkomst uitdrukkelijk vermelden dat je met een taakloon uitbetaald wordt. 

De cachetregel houdt in dat het brutoloon gedeeld wordt door 73,72 om het aantal arbeidsdagen te berekenen (toepassen op prestaties vanaf 1/11/2022).  

  • voor de periode van 1/08/2022 tot 31/10/2022: 72,27
  • voor de periode van 1/05/2022 tot 31/07/2022: 70,86 
  • voor de periode van 1/04/2022 tot 30/04/2022: 69,47 
  • voor de periode van 1/03/2022 tot 31/03/2022: 66,35
  • voor de periode van 1/01/2022 tot 28/2/2022: 65,05
  • voor de periode van 1/09/2021 tot 31/12/2021: 63,78
  • voor de periode van 1/03/2020 tot 31/08/2021: 62,53

Voorbeeld

Een muzikante krijgt een taakloon van 500 euro bruto voor een optreden.  

Haar aantal arbeidsdagen = 500 : 73,72 = 6,78. 

Het resultaat is begrensd tot maximum 156 dagen per kwartaal (104 als je binnen dat kwartaal slechts gedurende één maand met taakloon gewerkt hebt en 130 als je binnen dat kwartaal slechts gedurende twee maanden met taakloon gewerkt hebt).   

Voorbeeld

Als onze muzikante behalve voor dat ene optreden in de loop van dat kwartaal geen ander werk heeft gedaan waarvoor zij betaald is met een taakloon, dan is het maximum 104 arbeidsdagen. Haar 6,78 arbeidsdagen liggen ver onder het maximum en tellen dus allemaal mee.  

Stel: onze muzikante is van 15 tot 20 mei 2022 en van 5 tot 15 juni 2022 aanwezig op repetities. Dat zijn twee maanden binnen een kwartaal. Per periode krijgt ze als taakloon 5.000 euro bruto. Ze heeft geen andere taaklonen gekregen in de loop van het kwartaal.  

Het aantal arbeidsdagen = 10.000 : 73,72 = 135,65 

Aangezien ze al haar prestaties tegen taakloon verricht heeft in de loop van twee maanden binnen het kwartaal, wordt het aantal arbeidsdagen teruggebracht tot het maximum van 130.   

Het aantal arbeidsdagen berekend in toepassing van de cachetregel mag je wel nog verhogen met de eventuele arbeidsdagen die betaald werden per tijdsduur (zelfs wanneer het totaal aantal dagen daardoor het maximum van respectievelijk 104, 130 of 156 dagen overstijgt).  

Bedrag uitkering

De kunstwerkuitkering bedraagt 60 % van het loon dat als berekeningsbasis dient. Je moet de uitkering niet meer neutraliseren of laten bevriezen. De kunstwerkuitkering bedraagt steeds 60 % van dit loon.

Had je al recht op een neutralisatie van de uitkering?

Kunstwerkers die reeds voor 1 oktober 2022 recht hadden op de neutralisatie van de uitkering, behouden dezelfde berekeningsbasis voor hun kunstwerkuitkering. De minima en maxima van de kunstwerkuitkering worden wel verhoogd. De kunstwerkuitkering zal niet lager zijn dan 64,13 euro voor kunstwerkers met gezinslast en niet lager dan 56,50 euro voor andere kunstwerkers. Het maximum dagbedrag van de kunstwerkuitkering is 67,46 euro. 

Heb je nog geen recht op een neutralisering van de uitkering?

Heb je al een uitkering, dan zal dit jouw uitkeringsbasis vormen. De kunstwerkuitkering zal niet lager zijn dan 62,87 euro voor kunstwerkers met gezinslast en niet lager dan 55,40 euro voor andere kunstwerkers. Het maximum dagbedrag van de kunstwerkuitkering is 66,14 euro. 

Heb je op 1 oktober 2022 nog geen recht op een uitkering?

De kunstwerkuitkering is 60 % van het brutoloon dat je ontvangen hebt tijdens de laatste tewerkstelling van minstens vier opeenvolgende weken bij dezelfde werkgever (met een loongrens van maximum 3.136,46 euro en minimum 1.916,70 euro).   

Heb je geen vier opeenvolgende weken bij dezelfde werkgever gewerkt en werd je betaald met een taakloon, dan wordt de uitkering berekend op basis van het brutoloon (taaklonen plus gewone lonen) tijdens het kwartaal vóór het kwartaal dat aan de aanvraag voorafgaat, gedeeld door drie.  

Voorbeeld

Een muzikante met opeenvolgende tewerkstellingen van minder dan vier weken vraagt haar uitkering aan in december (dus op het einde van het vierde kwartaal). In de loop van het derde kwartaal  (juli, augustus, september) heeft ze 4.200 euro bruto verdiend als taakloon voor optredens en 1.800 euro bruto voor drie weken werk als kelner in een restaurant.  

Haar uitkering zal berekend worden op basis van een maandloon van 4.200 + 1.800 = 6.000 euro : 3 = 2.000 euro. 

De kunstwerkuitkering wordt in elk geval minstens berekend op het referteloon van 1.916,70 euro. 

Deze berekeningswijze is ook van toepassing op kunstwerkers die recht hebben op een inschakelingsuitkering of op kunstwerkers die tijdelijk recht hadden op een volledige uitkering op basis van de coronamaatregelen.

Hernieuwen van de uitkering

Je hebt recht op een kunstwerkuitkering voor een periode van 36 maanden. 

Je kan vanaf de maand voor de maand waarin deze periode verstrijkt een hernieuwing van de uitkering aanvragen via jouw uitbetalingsinstelling. Als jouw uitkering in de loop van de maand oktober verstrijkt, dan kan je dus vanaf 1 september een hernieuwing aanvragen.

De kunstwerkuitkering wordt hernieuwd indien je:

  • 78 gewerkte dagen bewijst in een periode van 36 maanden of
  • 39 gewerkte dagen bewijst in een periode van 36 maanden indien je reeds 18 jaar beroep doet op de voordeelregels voor kunstenaars/kunstwerkers of indien je in die periode een moederschaps- of adoptieverlofuitkering hebt gekregen

In de toekomst zal je die dagen enkel nog via de cachetregel kunnen aantonen: enkel je brutoloon is dan nog relevant.

Bovendien zal je in de toekomst ook in het bezit moeten zijn van een kunstwerkattest plus of starters bij een hernieuwing van de kunstwerkuitkering. Kunstwerkers die bij de inwerkingtreding van de kunstwerkcommissie - voorlopig 1 januari 2024 - recht hebben op een kunstwerkuitkering krijgen automatisch een kunstwerkattest plus dat geldig is voor een periode van 5 jaar.

Bij een hernieuwing kan je een herziening van de kunstwerkuitkering vragen als je het volgende kan aantonen:

  • In welk kwartaal in de afgelopen referteperiode van 36 maanden heb je het meeste verdiend?
  • Hoeveel bedraagt de som van alle brutolonen die je in dat kwartaal verdiend hebt?
  • Als je die som deelt door 78, geeft dit een hoger gemiddeld dagloon dat nu gebruikt wordt voor de berekening van de kunstwerkuitkering?
  • Indien ja, dan kan je vragen dat dit dagloon in aanmerking wordt genomen voor de herziening van de kunstwerkuitkering. 

Je moet dit wel uitdrukkelijk aanvragen op het ogenblik van je aanvraag tot hernieuwing van de uitkering via je uitbetalingsinstelling.

Artistieke activiteit en werkloosheidsuitkering

Je kunt artistiek, technisch-artistiek of ondersteunend-artistiek werk verrichten met behoud van je uitkering.  

Als je prestaties levert als zelfstandige, of als je bezoldigd bestuurder bent van een vzw of vennootschap, doe je aangifte van die inkomsten via een formulier C181. Dat formulier moet je ook invullen als je auteurs- of naburige rechten krijgt. 

Controlekaart

Op de dagen dat je volgende activiteiten verricht, moet je ze aanduiden als arbeidsdagen op je controlekaart:

  • aanwezigheid bij de tentoonstelling van je kunstwerken, als je zelf instaat voor de verkoop of als je een contract hebt met de verkoper waarin staat dat je aanwezig moet zijn 
  • activiteiten die je verricht in het kader van een arbeidsovereenkomst of in toepassing van artikel 1bis RSZ-wet
  • activiteiten in het kader van een statutaire tewerkstelling
  • activiteiten uitgevoerd tegen betaling van een loon
  • activiteiten in het kader van de kvr

Voor deze dagen krijg je geen uitkering. 

Je werkt als werknemer

Als je betaald wordt met een uurloon, dan duid je elke gewerkte dag aan op je controlekaart. Voor deze dagen krijg je geen uitkering.

Als je betaald wordt met een taakloon (zie cachetregel hierboven), moet je dat aangeven met het formulier C3-Artiest, en past de RVA de cumulregel toe om te berekenen gedurende hoeveel dagen je geen recht hebt op een uitkering.

De formule is [YA – (C x Y)] : Y 

Hierbij staat YA voor het brutoloon, C voor het aantal gewerkte dagen (zoals aangegeven op de controlekaart) en Y voor 110,58 (vanaf november 2022). 

Het resultaat wordt afgerond naar beneden. 

Voorbeeld

Een muzikante werkt van 14 tot en met 28 november en krijgt daarvoor een taakloon van 7.500 euro. 

[7.500 – (15 x 110,58)] : 110,58 = 52

Resultaat: ze heeft gedurende 15 (aangegeven gewerkte dagen) plus 52 (resultaat van de cumulberekening) = 67 dagen geen recht op een uitkering. 

Per kwartaal wordt het resultaat van de berekening beperkt tot 156 kalenderdagen. 

Aandachtspunten: 

  • Binnen één kwartaal kunnen de niet-vergoedbare periodes elkaar overlappen. Dit is het geval indien een oude niet-vergoedbare periode overlapt met een nieuwe niet-vergoedbare periode.
  • Tijdens de niet-vergoedbare periode moet je alle arbeidsdagen en andere niet-vergoedbare dagen (ziekte, betaalde vakantie, verblijf in het buitenland, …) aanduiden op je controlekaart (met de letter A).  
  • Voor zaterdagen geldt een bijzondere regeling:  
    • zaterdagen die volgen op een niet-vergoedbare week of die liggen tussen een niet-vergoedbare vrijdag en een niet-vergoedbare maandag, zijn niet-vergoedbaar; 
    • zaterdagen die voorafgegaan werden door 2 of 3 activiteitsdagen, zijn halftijds vergoedbaar. 

Combinatie met andere inkomsten

 1. Je bent zelfstandige in bijberoep of je krijgt auteurs- of naburige rechten

Je mag zelfstandige activiteiten in bijberoep aanvatten en uitoefenen tijdens je werkloosheid. Je moet hiervan aangifte doen via het formulier C181 van de RVA.

Is het netto-belastbaar inkomen uit deze activiteiten niet hoger dan 10.218,00 euro op jaarbasis (bedrag van toepassing vanaf 1/11/2022), dan ontvang je een volledige werkloosheidsuitkering.  

Ligt het bedrag hoger, dan word je daguitkering verminderd met 1/312e van het overschrijdende bedrag. 

Voorbeeld

Een muzikante ontvangt een uitkering van 60,46 euro per dag.  

Het netto-belastbaar inkomen uit haar zelfstandige activiteiten bedraagt 12.000 euro. Ze overschrijdt het maximumbedrag dus met 12.000 – 10.218,00 = 1.782,00 euro. 

1.782,00 : 312 = 5,71. 

Het bedrag van haar daguitkering wordt met 5,71 euro verminderd tot 54,75 euro. 

Bij de aangifte van je activiteit, met het formulier C181, moet je invullen hoeveel je inkomsten bedragen of hoeveel je schat dat ze zullen bedragen. Je doet een aangifte van een zelfstandig bijberoep bij aanvang van de kunstwerkuitkering of bij aanvang van de zelfstandige activiteit.

Ontvang je meer inkomsten dan verwacht, dan moet je een corrigerende aangifte indienen.  

Van zodra de RVA je fiscaal aanslagbiljet heeft ontvangen, gebeurt een voorlopige berekening. Je kan aan de RVA vragen om een nieuwe berekening te maken op basis van de inkomsten die je uit deze activiteiten krijgt over een periode van 3 jaar. Dat kan interessant zijn als je bv. een bepaald jaar heel veel inkomsten had, maar de andere 2 jaren niet de drempel van 10.218,00 euro overschreden hebt. 

Het is mogelijk dat je achterstallige uitkeringen ontvangt, maar het is ook mogelijk dat je een gedeelte van de ontvangen uitkeringen moet terugbetalen. 

We raden aan om het aanslagbiljet zo snel mogelijk in te dienen bij de RVA, omdat de verrekening dan veel sneller gebeurt dan wanneer de RVA het (soms pas 2 jaar later) ontvangt van de fiscus. 

Als je geen of een onjuist formulier C181 invult, kan de RVA je sanctioneren en je daguitkering verminderen met 1/312e van het volledige bedrag dat je hebt verdiend (in plaats van 1/312e van het inkomen dat 10.218,00 euro overschrijdt). 

2. Je bent zelfstandige in hoofdberoep 

Zodra je bijberoep een hoofdberoep wordt (rekening houdend met de tijd die je eraan besteedt, de inkomsten, de investeringen enz.), verlies je het recht op een uitkering. Is dit volgens de RVA het geval, dan word je uitgenodigd om je argumenten uiteen te zetten. 

Het uitoefenen van een zelfstandig hoofdberoep van minstens 3 maanden schorst de afloop van de toepassingsperiode tot het einde van je zelfstandig hoofdberoep. Op het einde van je zelfstandig hoofdberoep kan je een hernieuwing van de kunstwerkuitkering aanvragen. De referteperiode waarin je dagen voor de hernieuwing moet bewijzen wordt ook verlengd met de periode van je zelfstandig hoofdberoep.

3. Je krijgt een vergoeding via de kleine vergoedingsregeling (kvr)  

De dag waarop je een artistieke prestatie verricht tegen betaling met een kvr, moet je op de controlekaart aanduiden als een gewerkte dag (optie 'arbeid' en vervolgens 'normale arbeid'). Je krijgt voor deze dag geen uitkering.  

Aangezien er geen sociale zekerheidsbijdragen betaald worden, telt deze dag niet mee als een arbeidsdag (bijvoorbeeld om de kunstwerkuitkering te hernieuwen). 

4. Je krijgt een onkostenvergoeding als vrijwilliger 

Als je actief bent als vrijwilliger, moet je vooraf de toestemming vragen van de RVA met een formulier C45B. Een onbezoldigd bestuurder in een vzw wordt ook als een vrijwilliger beschouwd.

Als je de toestemming krijgt van de RVA om vrijwilligerswerk uit te oefenen, mag je eventuele vrijwilligersvergoedingen cumuleren met je uitkering. 

Vrijwilligersvergoedingen kunnen forfaitair zijn (in 2022 maximum 36,84 euro per dag en 1.473,37 euro per jaar) of kunnen een terugbetaling zijn van je reële kosten. Je geeft vrijwilligersvergoedingen aan met het formulier C45B. 

Aangezien er geen sociale zekerheidsbijdragen betaald worden, telt vrijwilligerswerk niet mee als een gewerkte dag (bijvoorbeeld om de kunstwerkuitkering te hernieuwen). 

5. Je bent bezoldigd bestuurder van een rechtspersoon 

Als je bezoldigd bestuurder bent van een vzw of van een vennootschap, moet je dat melden aan de RVA via het formulier C181.

Je kunt je uitkering behouden als je bestuursactiviteit “van gering belang is en zich beperkt tot het administratief beheer van je eigen artistieke activiteit”, aldus de RVA. 

Op het formulier C181 moet je invullen hoeveel je inkomsten bedragen, of hoeveel je denkt dat ze zullen bedragen. De impact van je inkomsten is dezelfde als voor een zelfstandige in bijberoep (zie boven). 

6. Je oefent een bezoldigd mandaat uit in een adviesorgaan van de culturele sector of in de Commissie Kunstenaars/Kunstwerkcommissie

Als je een zitpenning ontvangt voor een mandaat in een adviesorgaan in de culturele sector of in de Commissie Kunstenaars/Kunstwerkcommissie kan je die inkomsten tot een bedrag van 1.932,21 euro per kalenderjaar (2022) combineren met een werkloosheidsuitkering. 

Je hoeft die activiteiten niet op je controlekaart te vermelden. Als je het maximaal jaarlijks bedrag overschrijdt mag je het mandaat blijven uitoefenen maar moet je die mandaten vanaf de overschrijding aanduiden op je controlekaart (zwart vakje).

Je moet aangifte doen van het bezoldigd mandaat bij de RVA via het formulier C46 en via het formulier C1. Je moet deze inkomsten niet melden op het formulier C181.

Passieve beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt

In tegenstelling tot het oude ‘kunstenaarsstatuut’ dienen kunstwerkers met een kunstwerkuitkering niet actief beschikbaar te zijn voor de arbeidsmarkt. Als kunstwerker word je niet onderworpen aan de actieve controle op jouw zoekgedrag. Je zal dus niet door de gewestelijke arbeidsbemiddelingsdiensten (VDAB, Actiris, Forem) opgeroepen worden om jobaanbiedingen te aanvaarden in een sector buiten de kunstensector. Voor jobaanbiedingen binnen de kunstensector zal je wel moeten ingaan op uitnodigingen en begeleidingen.

Je zal wel nog steeds ingeschreven moeten zijn als werkzoekende. 

Moet je in het bezit zijn van een kunstwerkattest?

Voorlopig heb je nog geen nood aan een kunstwerkattest. Vanaf 1 januari 2024* heb je een kunstwerkattest plus of starter nodig om recht te hebben op een kunstwerkuitkering. 

Als je al voor 1 januari 2024 recht hebt op een kunstwerkuitkering, ontvang je automatisch een kunstwerkattest plus bij de inwerkingtreding van de Kunstwerkcommissie. 

*voorlopig de datum waarop de Kunstwerkcommissie wordt opgericht