Ook naburige rechten worden, net als de auteursrechten, veelvuldig verhandeld en overgedragen. 

De finaliteit is daarbij echter niet altijd het verkrijgen van een vergoeding. Veeleer ook omdat dit noodzakelijk is om een uitvoering tot bij een publiek te krijgen, en dit zeker vanuit het perspectief van de uitvoerende kunstenaar.  Denk bijvoorbeeld aan de band die samenwerkt met een platenlabel. Om de onderhandelingspositie van de uitvoerder te verstevigen – o.a. doel van de auteurswetgeving – dienen deze contracten of overeenkomsten aan enkele voorwaarden en beginselen te voldoen: 

  • Schriftelijk bewijs 
  • Interpretatie in het voordeel van de auteur 
  • Exploitatieplicht 
  • Nog onbekende exploitatievormen 
  • Toekomstige werken 

Wat alvast opvalt is dat, anders dan bij auteurscontracten, er niet voorzien wordt in een specifiëringsplicht. Namelijk de plicht om voor elke expoloitatiewijze te voorzien in afspraken omtrent: de duur, de reikwijdte en de vergoeding. 

De wetgever heeft, net als bij het auteursrecht,  echter ook enkele specifieke regels in het leven geroepen die minder strikt zijn, en dit in het kader van de verhouding tussen de uitvoerende kunstenaar en een derde partij. Zo zouden we een soort van ‘light regime’ kunnen ontwaren in de verhouding werkgever-werknemer - ook zij met een ambtenarenstatuut - en in de relatie tussen een uitvoerder en diens opdrachtgever. In het laatste geval echter enkel indien deze buiten de culturele sector of binnen de reclamewereld opereert.  

De basisbeginselen

Schriftelijk bewijs 

De afspraken worden maar beter schriftelijk vast gelegd. De wetgeving zegt dat ten aanzien van de houder van de uitvoerende kunstenaar een contract schriftelijk dient te worden bewezen. Indien de rechthebbende betwist dat hij een bepaald recht zou hebben overgedragen, zal hij het schriftelijk bewijs van die overdracht moeten kunnen voorleggen. Een factuur of algemene voorwaarden kunnen ook als bewijs dienen.  Het schriftelijke karakter van het contract is immers slechts een bewijsregel en geen vormvereiste. We dienen uiteraard de volgende regels niet uit het oog te verliezen. 

Interpretatie in het voordeel van de auteur 

In het contract moeten de afspraken en de omvang van de overgedragen rechten zo duidelijk mogelijk worden omschreven. In geval van twijfel of onduidelijke clausules zal de overeenkomst in het voordeel van de uitvoerend kunstenaar  en in het nadeel van de exploitant van de rechten worden geïnterpreteerd. Dit is de regel van de restrictieve of strikte interpretatie. 

Als voorbeeld van het restrictief te interpreteren karakter van de overdracht van rechten, kunnen we verwijzen naar de zaak van het compilatie-album van Helmut Lotti (Brussel 29 november 2000). Helmut Lotti had in de beginjaren van zijn muzikale carrière een licentie-overeenkomst gesloten met de platenmaatschappij BMG om 4 albums uit te brengen in 5 jaar. BMG brengt vervolgens een compilatie-album van Lotti uit (Romantic I en II) zonder hiervoor de toestemming te vragen aan Lotti. Zij dachten uit het contract te kunnen afleiden dat ze hiertoe de rechten hadden. Uit de regel van de restrictieve interpretatie van het contract volgt dat in geval van twijfel in het voordeel van de auteur/uitvoerende kunstenaar moet worden geïnterpreteerd. Het recht om een compilatie-album te maken, was niet uitdrukkelijk vermeld in de licentie-overeenkomt en bijgevolg had de platenfirma hiertoe niet mogen overgaan zonder toestemming van H. Lotti. De compilatie-cd’s moesten uit de handel worden genomen. 

Nog onbekende exploitatievormen 

Als uitvoerend kunstenaar kan je in de overeenkomst geen rechten overdragen voor nog onbekende exploitatievormen, d.i. technieken of procedés die op het ogenblik van de contractsluiting nog niet bestonden. In de jaren 80 bijvoorbeeld waren de DVD en het internet nog onbestaande. De producent die de rechten hiervoor later wenst te verkrijgen, zal dan opnieuw aan tafel moeten gaan zitten met de acteur. 

Toekomstige werken 

Rechten betreffende toekomstige werken overdragen kan slechts voor een beperkte tijd en voor zover het genre waarop de overdracht betrekking heeft, bepaald is. 
 
Er kan bijvoorbeeld worden bedongen dat de auteur-regisseur voor zijn volgende komische film (genre) opnieuw zal samenwerken met dezelfde producent als deze bijv. binnen de vijf jaar wordt gemaakt. 
 
Kunstenaars kunnen dus terugvallen op de algemene regels van het contractenrecht en op deze manier hun aanspraken laten gelden ten aanzien van de verkrijger van hun rechten. 
 
Audiovisuele auteurs moeten wel in het achterhoofd houden dat, indien zij geen contract sluiten met de producent, de rechten vermoed worden te zijn overgedragen aan de producent. Vandaar het grote belang van contracten in de audiovisuele sector. 
 
Wanneer er geen contract werd gesloten en de producent in dit geval de rechten heeft op basis van het vermoeden, heeft de auteur volgens de wet wel recht op een vergoeding. 
Toch raden we sterk aan om in het belang van beide partijen een duidelijk contract op te stellen. 

In het kader van een arbeidsovereenkomst

Ook in de relatie werkgever-werknemer geldt het basisprincipe van het auteursrecht: de maker van het werk of de werknemer is de oorspronkelijke auteur van het werk indien hij de originele creatie tot stand heeft gebracht. De Belgische wetgeving voorziet dus géén automatische overdracht van de auteursrechten aan de werkgever. 
 
Met betrekking tot twee categorieën van werken werd er echter wel voorzien in een weerlegbaar  vermoeden van overdracht van de rechten van de auteur-werknemer aan de werkgever, met name in het geval van: 

  • software (artikel XI.296 WER) 
  • databanken (artikel XI.187 WER) die in de niet-culturele nijverheid zijn tot stand gekomen. 

Indien de werkgever de rechten van de werknemer wenst te verwerven, zal hij bepaalde regels moeten naleven. De werkgever zorgt er best voor dat de overdracht van rechten schriftelijk wordt vast gelegd. Zo kan hij de overdracht later het beste bewijzen. De overdracht moet uitdrukkelijk zijn voorzien. Dit kan worden bepaald in de arbeidsovereenkomst, in het arbeidsreglement, in een Collectieve Arbeidsovereenkomst (CAO) of in een afzonderlijke overeenkomst, die specifiek betrekking heeft op de auteursrechten of meer algemeen op de intellectuele rechten van de werknemer. 
 
De algemene regels van het contractenrecht zijn in principe van toepassing. 
 
Wanneer de overdracht uitdrukkelijk is voorzien en voor zover de creatie van het auteurswerk binnen het toepassingsgebied van de arbeidsovereenkomst valt, zijn de regels minder streng: 

  • De werkgever kan de overdracht dan in vrij algemene bewoordingen omschrijven vermits er dan geen verplichting is om voor elke exploitatiewijze de vergoeding van de auteur, de reikwijdte en de duur te bepalen. 
  • Er geldt in dit geval ook geen exploitatieplicht voor de werkgever. De werkgever is vrij om te bepalen welke werken van de werknemer verder geëxploiteerd zullen worden. 
  • De werkgever beschikt dan ook over de mogelijkheid om rechten inzake de nog onbekende exploitatievormen te verwerven, op voorwaarde dat uitdrukkelijk een aandeel voor de werknemer is bepaald in de winst van deze latere exploitatievorm. 
  • De werkgever kan aan de auteur-werknemer ook vragen om de rechten op toekomstige werken te verkrijgen zonder beperking in de tijd en zonder precisering van het genre waarop de overdracht betrekking heeft. Dit is logisch. De werkgever kan van de werknemer eisen dat de rechten op alle werken die de werknemer voor hem maakt in het kader van zijn opdracht aan hem toekomen. 

In het kader van een opdracht

De auteur-opdrachtnemer kan zowel morele als vermogensrechten laten gelden op zijn werk. 
 
De basisregel van het auteursrecht is ook hier van toepassing: de overdracht van rechten moet uitdrukkelijk worden voorzien. Er is geen automatisch vermoeden van overdracht van auteursrechten aan de opdrachtgever. De algemene regels van het contractenrecht zijn in principe van toepassing. 
 
De wetgever heeft voorzien in meer flexibele regels dan deze van het algemeen contractenrecht. 
 
De overdracht van de vermogensrechten aan de opdrachtgever volgens de soepele modaliteiten is evenwel slechts mogelijk indien: 

  • De opdrachtgever een activiteit uitoefent in de niet-culturele sector of in de reclamewereld. Het is niet altijd duidelijk wat moet worden verstaan onder niet-culturele sector of reclamewereld. Een voorbeeld hiervan is de opdracht door een reclamebureau aan een tekenaar waarbij het de bedoeling is om de tekening te integreren in een reclamespot. Wanneer de opdrachtgever een activiteit uitoefent in de culturele sector, zijn de algemene regels van het contractenrecht van toepassing. 
  • Het auteurswerk bestemd is voor die activiteit. Een productiehuis dat een kunstenaar de opdracht geeft om een beeldhouwwerk te ontwerpen om de inkomhall van het bedrijf te verfraaien, is geen voorbeeld van een opdracht die uitdrukkelijk bestemd is voor de activiteit van het productiehuis. Het realiseren en uitwerken van een TV-format voor het productiehuis is dat bijvoorbeeld wel. 
  • en er uitdrukkelijk in de overdracht van de rechten is voorzien. 

Wanneer voldaan is aan de drie hierboven vermelde voorwaarden, zijn de regels minder streng om de auteursrechten van de auteur-opdrachtnemer te verwerven: 

  • De opdrachtgever kan de overdracht dan in vrij algemene bewoordingen omschrijven vermits er dan geen verplichting is om voor elke exploitatiewijze de vergoeding van de auteur, de reikwijdte en de duur te bepalen. 
  • Er geldt in dit geval ook geen exploitatieplicht voor de opdrachtgever. De opdrachtgever is vrij om te bepalen welke werken van de auteur verder geëxploiteerd zullen worden. 
  • De opdrachtgever beschikt dan ook over de mogelijkheid om rechten inzake de nog onbekende exploitatievormen te verwerven, op voorwaarde dat uitdrukkelijk een aandeel voor de auteur is bepaald in de winst van deze latere exploitatievorm. 
  • De opdrachtgever kan aan de auteur-opdrachtnemer ook vragen om de rechten op toekomstige werken te verkrijgen zonder beperking in de tijd en zonder precisering van het genre waarop de overdracht betrekking heeft.