Welke rechten heb je in het geval van ziekte? 

Langdurige ziek zijn, tijdelijk of permanent, wensen we niemand toe. Afhankelijk van de duur ervan noemt men dat wel eens arbeidsongeschiktheid of invaliditeit. Je bent met andere woorden ongeschikt om te werken door een ziekte, een ongeval of een ziekenhuisopname. In dat geval krijg je, mits het voldoen aan enkele voorwaarden, recht op een vervangingsinkomen ook wel arbeidsongeschiktheidsuitkering genoemd. Deze krijg je van je ziekenfonds. 

Maar welke rechten heb ik dan? Welke voorwaarden gelden er? En welke verplichtingen dienen de zelfstandige, de werknemer of de werkgever te doorlopen?  

Hieronder gaan we dieper in op arbeidsongeschiktheid en dit voor ieder die op basis daarvan een tegemoetkoming of uitkering kan genieten: de zelfstandige of de werknemer (ook 1bis RSZ-wet). We laten daarbij de statutair ambtenaar buiten beschouwing.  De toepasselijke regels zullen in principe dus verschillen naargelang de wijze waarop je aan het werk was op het moment dat je arbeidsongeschikt werd, en is dus een gevolg van je sociaal statuut en niet een ‘statuut’ an sich. In de belastingaangifte zullen zelfstandigen, werknemers en bijvoorbeeld ook werkloosheidsuitkeringsgerechtigden de verkregen uitkeringsbedragen evenwel invullen onder hetzelfde vak (Vak IV).  

Het gaat hierbij niet om iemand die ongeschikt is om nog aan de slag te gaan ingevolge bijvoorbeeld een beroepsziekte. Verlies je dus je stem als operazanger dan ga je hier je gading niet helemaal vinden. Bovendien geldt onderstaande informatie ook niet voor ambtenaren. Voor hen geldt een specifieke en aangepaste regeling.  

Voor meer info kan je altijd terecht op de website van het RIZIV, en contacteer je je ziekenfonds. Deze laatsten zullen je immers ook je uitkering uitbetalen. 

Basisvergoeding / -inkomst

Primaire arbeidsongeschiktheid en invaliditeit 

Alvorens in te gaan op de ‘uitkering’ op dewelke je recht zou hebben, dienen we eerst nog een onderscheid te maken tussen de primaire arbeidsongeschiktheid en de invaliditeit. Vereenvoudigd gesteld betreft de primaire arbeidsongeschiktheid de periode van het eerste jaar arbeidsongeschiktheid, en vangt de periode van de invaliditeit aan op het moment dat je deze eerste periode overschrijdt.  

Wanneer deze periodes beginnen te lopen hangt af of je bijvoorbeeld als werknemer nog recht hebt op een ‘gewaarborgd loon’ van je werkgever. Werknemers kunnen immers voor een bepaalde periode recht hebben op het behoud van loon ten laste van de werkgever. Meer info daarover vind je hier terug.  

 

Werknemers of werklozen 

Wat de hoogte van de uitkering betreft dienen we een onderscheid te maken naargelang je werknemer was of werkloosheidsuitkeringsgerechtigde. Het principe daarbij is dat je een percentage krijgt van een referteloon/brutoloon en dit is afhankelijk van  

  • De periode in dewelke men zich bevindt 
  • De gezinssituatie 
  • Gezinslast 
  • Alleenstaand 
  • Samenwonend 

Voor de bedragen en de verschillende situatie kan je op de website van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (RIZIV) terecht 

Je uitkering als arbeidsongeschikte is een vervangingsinkomen. Dit heeft dan ook zijn gevolgen voor je sociale zekerheid.  

  • Werkloosheid: Tijdens de periode van arbeidsongeschiktheid zal je geen recht kunnen doen gelden op werkloosheidsuitkeringen. Wel zullen je dagen van arbeidsongeschiktheid, waarop je uitkering genoot, worden beschouwd als arbeidsdagen en eventueel ook bepaalde periodes in de werkloosheidsuitkering schorsen.  
  • Gezinsbijslagen: Je blijft rechthebbende op het normale bedrag van kinderbijslag, en opent in bepaalde gevallen een verhoging van dit bedrag 
  • Pensioenen: Periode van arbeidsongeschiktheid worden gelijkgesteld met effectieve tewerkstellingsdagen. Ze komen dus in aanmerking voor de berekening van de professionele loopbaan 
  • Gezondheidszorg: Men blijft verzekerd voor gezondheidszorg, en onder bepaalde voorwaarden kan men aanspraak maken op bijvoorbeeld verhoogde verzekeringstegemoetkomingen 

 

Zelfstandige 

Anders dan bij werknemers zien we bij zelfstandigen dat de uitkeringen forfaitair zijn en dat een carenztijd van veertien dagen doorlopen moet worden vooraleer men een vergoedbare arbeidsongeschiktheid kent. De periode van de carenztijd kunnen we ook wel de primaire niet-vergoedbare ongeschiktheid noemen. Dit betekent dus dat het ziekenfonds pas vanaf de 15e dag van arbeidsongeschiktheid een uitkering zal betalen.  

Er wordt dus onderscheid gemaakt tussen verschillende tijdvakken

  • De primaire niet-vergoedbare ongeschiktheid (de eerste veertien dagen arbeidsongeschiktheid) 
  • De primaire vergoedbare ongeschiktheid 
  • De periode van de invaliditeit (na het eerste jaar arbeidsongeschiktheid) 

De vergoeding is verder afhankelijk van de gezinssituatie. Dit betekent dat, naast het rekening houden met het specifieke tijdvak, het forfaitair dagbedrag afhankelijk is van: 

  • het hebben van personen ten laste; 
  • het alleenstaande zijn; of 
  • het samenwonende zijn. 

Wanneer je je bovendien in de periode na het 1e jaar van arbeidsongeschiktheid (invaliditeit) bevindt zal men bij het bepalen van het dagbedrag ook rekening houden met het feit of de RSVZ de periode van arbeidsongeschiktheid gelijkgesteld heeft met een periode van activiteit voor de opbouw van je pensioenrechten. Zo ja dan noemt dit het recht hebben op ‘uitkering met stopzetting van bedrijf. Zo neen dan heb je recht op een uitkering ‘zonder stopzetting van bedrijf’.  

Je kan de bedragen voor de primaire vergoedbare arbeidsongeschiktheid hier terugvinden. Wat de uitkering voor de periode van invaliditeit betreft, kan je volgende pagina’s raadplegen: 

Je uitkering als arbeidsongeschikte is een vervangingsinkomen. Dit heeft dan ook zijn gevolgen voor je sociale zekerheid.  

  • Gezinsbijslagen: De zelfstandige blijft rechthebbende op het normale bedrag van kinderbijslag, en opent in bepaalde gevallen een verhoging van dit bedrag 
  • Pensioenen: Periode van arbeidsongeschiktheid worden gelijkgesteld met tijdvakken van beroepsbezigheid, op voorwaarde dat je alle activiteiten stopzet en je arbeidsongeschiktheid erkend is. Dan komen ze dus in aanmerking voor de berekening van de professionele loopbaan 
  • Gezondheidszorg: Men blijft verzekerd voor gezondheidszorg, en onder bepaalde voorwaarden kan men aanspraak maken op bijvoorbeeld verhoogde verzekeringstegemoetkomingen. Daarnaast heeft de zelfstandige in periodes van invaliditeit ook recht op bijvoorbeeld kleine risico’s 

 

Verzekering gewaarborgd inkomen 

Meer en meer zien we dat werknemers, onder initiatief van hun werkgever, en zelfstandigen zich aanvullend verzekeren voor een ‘gewaarborgd inkomen’. Je uitkering zal immers slechts een percentage van je ‘gederfde’ loon bedragen of een forfaitair (dag)bedrag als zelfstandige. Het zal dus nooit het gehele gederfde inkomen vervangen. Neem dus zeker contact op met een verzekeraar als je hier meer informatie over wil.  

Combinatiemogelijkheden

Onder bepaalde voorwaarden, en mits voorafgaande toestemming van de adviserend geneesheer van je ziekenfonds, kan je alsnog een artistieke beroepsactiviteit ontplooien naast je arbeidsongeschiktheid. Het principe blijft dat je geacht wordt al je ‘beroepsactiviteiten’ stop te zetten.  

Heb je recht op een ziekte- of invaliditeitsuitkering als je een vergoeding ontvangt via de kleine vergoedingsregeling voor kunstenaars

Je moet vooraf de toelating vragen aan je adviserende geneesheer om artistieke prestaties te verrichten als de prestaties niet kaderen in vrijwilligerswerk. Ook als het wel om vrijwilligerswerk gaat, kun je beter je adviserende geneesheer vooraf contacteren. 

De vergoeding die je ontvangt in het kader van de kleine vergoedingsregeling in ruil voor de artistieke prestaties beschouwt het Rijksinstituut voor Ziekte- en invaliditeitsuitkering (RIZIV) niet als een beroepsinkomen. Ze heeft dus geen invloed op het bedrag van je uitkering. 

Heb je als werknemer recht op een ziekte- of invaliditeitsuitkering als je daarnaast voor je artistieke prestaties een inkomen als werknemer of als zelfstandige ontvangt? 

Je mag een werkzaamheid hervatten die met jouw gezondheidstoestand verenigbaar is als je daarvoor de toestemming hebt van de adviserende geneesheer van het ziekenfonds. Het inkomen uit die toegelaten artistieke activiteit mag je cumuleren met je ziekte- of invaliditeitsuitkering. Het heeft wel een invloed op het bedrag van je uitkeringen als het beroepsinkomsten zijn. 

Nieuwe berekeningswijze vanaf 1 juli 2018 

Je uitkering wordt aangepast naar gelang de tijd die je besteedt aan je werkzaamheid: 

  1. Indien je werkzaamheid 20 % van een voltijdse tewerkstelling niet overschrijdt - > geen vermindering van je ongeschiktheidsuitkering; 

Concreet voorbeeld: een kunstenaar krijgt toestemming van zijn adviserend geneesheer om op te treden als acteur. Hij werkt gemiddeld 7,6 uren per week. 

Veronderstel dat hij die activiteit verricht als werknemer: 

Indien een voltijdse tewerkstelling binnen het gezelschap 38 uren bedraagt, zal de acteur de grens van 20 % niet overschrijden (7,6 uren per week binnen een uurrooster van 38 uren per week = 20 %). Bijgevolg zal er geen vermindering van zijn uitkeringen plaatsvinden. De uitkeringen kunnen samen met de inkomsten als auteur volledig opgenomen worden. 

  1. Indien je werkzaamheid 20 % van een voltijdse tewerkstelling wel overschrijdt - > vermindering van je uitkering afhankelijk van het gemiddeld aantal uren per week (%) dat je deze 20 % overschrijdt; 

Concreet voorbeeld: Een kunstenaar krijgt toestemming van zijn adviserend geneesheer om als regisseur te werken. Hij werkt gemiddeld 19 uren per week. 

Veronderstel dat hij die activiteit verricht als werknemer: 

Indien een voltijdse tewerkstelling binnen het productiehuis 38 uren bedraagt, zal de grens van 20 % overschreden worden (19 uren per week binnen een uurrooster van 38 uren per week = 50 %). De aanrekening gebeurt als volgt: vermindering van de uitkeringen met het gedeelte dat 20 % overschrijdt, met name 30 %. 

Als de ongeschiktheidsuitkeringen van de regisseur 80 euro bruto per dag bedragen, kan hij nog 80 euro – 24 euro (30 %) = 56 euro bruto per dag combineren met de inkomsten uit zijn activiteit als regisseur. 

  1. Combinatie met inkomen als zelfstandige: als je vroeger gewerkt hebt als werknemer en momenteel een ziekte- of invaliditeitsuitkering ontvangt, kun je die uitkering combineren met een inkomen voor je artistieke prestaties als zelfstandige. Dat zelfstandige inkomen heeft wel een invloed op het bedrag van je uitkering. Er wordt rekening gehouden met het nettobelastbare inkomen (het brutoinkomen na aftrek van de beroepskosten). Dat bedrag wordt dan vermenigvuldigd met 100/80sten. De zelfstandige kunstenaar moet een maandelijkse verklaring van inkomen invullen waarop hij het bedrag aan inkomen vermeldt dat hij verdiend heeft uit de activiteit voor de voorbije maand. Ook in dat geval wordt het beroepsinkomen verrekend met de daguikering volgens de bovenvermelde schijven. 

Concreet voorbeeld: Een kunstenaar verricht zijn activiteit als zelfstandige in bijberoep: 

Hij houdt uit die artistieke activiteit op maandbasis een inkomen over van 500 euro, na aftrek van de beroepskosten. 20 % wordt in mindering gebracht voor de sociale zekerheidsbijdragen. Blijft over: 400 euro. Het dagbedrag van het inkomen bedraagt: 400 euro / 26 = 15,38 euro en wordt onderverdeeld in hoger vermelde inkomensschijven: 

  • Van de eerste schijf van 15,3004 euro wordt niets afgetrokken. 
  • Van de tweede schijf van 0,08 euro wordt 25 % ingehouden = 0,02 euro. Dat bedrag zal van de daguitkering worden afgetrokken. 
  • Het dagbedrag van de uitkering is dus: 40 euro – 0,02 euro = 39,98 euro. 

Opgelet! 

Het RIZIV beschouwt ook inkomsten uit een occasionele activiteit (diverse inkomsten) of inkomsten uit de exploitatie van auteursrechten als beroepsinkomsten. Het RIZIV houdt dus ook rekening met die inkomsten om je uitkering te bepalen. 

Heb je als zelfstandige recht op een ziekte- of invaliditeitsuitkering als je daarnaast voor je artistieke prestaties een inkomen als werknemer of als zelfstandige ontvangt? 

Minieme taken 

Als zelfstandige moet je tijdens de periode van arbeidsongeschiktheid in principe alle taken stopzetten die verband houden met je zelfstandige beroepsbezigheid (die je vóór de ongeschiktheid waarnam). Maar de rechtspraak is hier soepeler. ‘Minieme taken’ voortzetten die geen ‘reële arbeid’ uitmaken, is geen probleem. De aard en omvang van het bedrijf zijn ook belangrijk om uit te maken of de taken al dan niet ‘miniem’ zijn. 

Zelfstandigheid terug opnemen 

Je kunt een deel van de beroepsactiviteit die je uitoefende op het ogenblik van de ongeschiktheid terug opnemen als je daarvoor de toestemming hebt van de adviserende geneesheer van het ziekenfonds. De geneesheer kan wel enkel zijn toestemming geven als de eerste maand arbeidsongeschiktheid voorbij is en maximaal voor 6 maanden. Op aanvraag kan die periode van 6 maanden tweemaal worden verlengd. De volledige periode mag nooit meer dan 18 maanden bedragen. 

Nieuwe beroepsbezigheid 

De geneesheer kan ook toestemming geven om een andere beroepsbezigheid (niet noodzakelijk als zelfstandige) aan te vangen. 
Voorbeeld: wanneer de kunstenaar vóór zijn ongeschiktheid geen artistieke activiteit, maar een ander activiteit als zelfstandige uitoefende, kan hij toestemming vragen om een artistieke activiteit aan te vangen. De toestemming kan maar worden verleend voor een periode van maximaal 6 maanden. Zij kan éénmaal met een periode van 6 maanden verlengd worden. 

Cumuleren met de uitkering? 

Eerste 6 maanden: een volledige cumulatie van de arbeidsongeschiktheidsuitkering en het beroepsinkomen is toegelaten. 

Na een periode van 6 maanden: de uitkering wordt verminderd met 10 %. Als je jouw activiteit zou stopzetten en nadien nog verder van het inkomen zou genieten uit jouw vroegere activiteit, dan wordt de uitkering niet meer verminderd met 10 %. 

Opgelet! 

Volgens het RIZIV valt ook een activiteit die niet wordt uitgeoefend als werknemer, als zelfstandige of als ambtenaar onder ‘beroepsbezigheid’ (zoals een boek schrijven en publiceren tegen een vergoeding van auteursrechten of een artistiek project realiseren met subsidies). Je vraagt dus het best ook vooraf toestemming om een dergelijke activiteit te starten. Volgens het RIZIV vermindert je uitkering na 6 maanden ook door die inkomsten. 

 

Administratieve verplichtingen

Werknemer 

Aangifte 

In eerste instantie zal een ‘getuigschrift van arbeidsongeschiktheid’ aan de adviserend geneesheer verstuurd moeten worden. Dit formulier dient tot het vaststellen van de staat van arbeidsongeschiktheid, dat door de gerechtigde (arbeidsongeschikte persoon) en de behandelend geneesheer wordt ingevuld, gedateerd en ondertekend. Je kan het terugvinden op de website van je ziekenfonds of het hen gewoon vragen.  

De behandelend geneesheer is bijvoorbeeld je gewone huisarts en niet de adviserend geneesheer die verbonden is aan het ziekenfonds.  

Wanneer dient die aangifte te gebeuren: 

  • Als je arbeider bent: 14 kalenderdagen, je eerste dag van arbeidsongeschiktheid inbegrepen 
  • Als je bediende bent: 28 kalenderdagen, je eerste dag van arbeidsongeschiktheid inbegrepen 
  • Als je werkloosheidsuitkeringsgerechtigd bent: 2 kalenderdagen, je eerste dag van arbeidsongeschiktheid niet inbegrepen.  

Het is zeker belangrijk deze deadlines te respecteren. Men heeft immers sancties vastgelegd voor het niet navolgen van de deadlines. 

Zolang je opgenomen bent in het ziekenhuis dien je geen aangifte te doen. Verlaat je het ziekenhuis en ben je nog steeds arbeidsongeschikt doen dan onmiddellijk aangifte.  

Deze aangifte betekent nog niet dat je arbeidsongeschiktheid erkend wordt. Tot op het moment dat er een beslissing is van de adviserend geneesheer zal je dus ook steeds op je verblijfplaats/thuis aanwezig moeten zijn om je vrijwillige te onderwerpen aan de geneeskundige controle.  

Meer informatie kan je hier terugvinden.  

Eens erkend – de medische controle 

Op verschillende tijdstippen zal je je moeten onderwerpen aan een medische controle. Tijdens zo’n controle wordt nagegaan of je nog steeds arbeidsongeschikt bent en gaat de arts ook na of je invaliditeit aanvaard kan worden.  

Als je niet naar de controle komt en je kan je afwezigheid niet verklaren en duiden, dan wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering geschorst. Als je 60 kalenderdagen na de datum van het onderzoek geen contact opneemt met het Medisch Secretariaat, dan wordt je erkenning ingetrokken en worden de uitkeringen definitief stopgezet.  

Meer info over de medische controle vind je hier.  

 

Zelfstandige 

Aangifte 

In eerste instantie zal een ‘getuigschrift van arbeidsongeschiktheid’ aan de adviserend geneesheer verstuurd moeten worden. Dit formulier dient tot het vaststellen van de staat van arbeidsongeschiktheid, dat door de gerechtigde (arbeidsongeschikte persoon) en de behandelend geneesheer wordt ingevuld, gedateerd en ondertekend. Je kan het terugvinden op de website van je ziekenfonds of het hen gewoon vragen.  

De behandelend geneesheer is je gewone huisarts en niet de adviserend geneesheer die verbonden is aan het ziekenfonds.  

Je aangifte dient te gebeuren binnen de veertien kalenderdagen na de aanvang van de arbeidsongeschiktheid. De eerste dag van arbeidsongeschiktheid wordt daarin niet meegerekend. Als je arbeidsongeschiktheid begint op 15 april zal je dus uiterlijk op 29 april je aangifte dienen te doen.  

Deze aangifte betekent nog niet dat je arbeidsongeschiktheid erkend wordt. Tot op het moment dat er een beslissing is van de adviserend geneesheer zal je als zelfstandige dus steeds positief gevolg moeten geven aan elke oproep voor een controleonderzoek. Kan je je niet verplaatsen dan moet je dit melden en moet je je vanaf dan gedurende acht dagen ter beschikking stellen op het door jou doorgegeven adres.  

Eens erkend – de medische controle 

Op verschillende tijdstippen zal je je moeten onderwerpen aan een medische controle. Tijdens zo’n controle wordt nagegaan of je nog steeds arbeidsongeschikt bent en gaat de arts ook na of je invaliditeit aanvaard kan worden.  

Als je niet naar de controle komt en je kan je afwezigheid niet verklaren en duiden, dan wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering geschorst. Als je bovendien 60 kalenderdagen na de datum van het onderzoek geen contact opneemt met het Medisch Secretariaat, dan wordt je je erkenning ingetrokken en worden de uitkeringen definitief stopgezet.  

Meer info over de medische controle vind je hier

Hoe word ik het?

Werknemer 

Eens je bovenstaande formaliteiten voldaan hebt, heb je als werknemer of werkloze recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering indien: 

  • Je arbeidsongeschikt erkend bent 
  • Je alle werk hebt stopgezet om gezondheidsredenen 
  • Je meer dan 66% arbeidsongeschikt bent om te werken in vergelijking tot de laatst uitgevoerde beroep en alle beroepen die je ooit hebt uitgeoefend of zou kunnen hebben uitgeoefend ingevolge de opleiding en de diploma’s waarover je beschikt 
  • Je een wachttijd doorlopen hebt van 12 maanden. Zie hier voor het verschil tussen voltijdse, deeltijdse werknemers en werklozen.  

 

Zelfstandige 

Eens je aan de bovenstaande formaliteiten voldaan hebt, heb je als zelfstandige recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering indien: 

  • Je arbeidsongeschiktheid erkend is 
  • Je een wachttijd van 6 maanden hebt doorlopen door voor twee kwartalen de sociale bijdragen te hebben betaald. Zie hier voor meer informatie