Een belangrijk verschil tussen een vereniging of stichting enerzijds en een vennootschap anderzijds is de mogelijkheid om winst uit re keren.

Vennootschappen mogen winsten uitkeren, verenigingen niet. Winst is elk vermogensvoordeel zonder tegenprestatie, zoals het uitkeren van dividenden en winstbewijzen maar ook onrechtstreekse winstuitkeringen zoals een veel te hoge huurprijs kunnen als een winstuitkering worden beschouwd... 

Verenigingen kunnen dus geen winsten uitkeren aan hun leden, maar ze mogen wel economische activiteiten uitoefenen. Zo kan een vzw betaalde concerten organiseren voor jong muzikaal talent. De inkomsten moet de vzw hergebruiken in functie van haar doel. 

Als blijkt dat de vzw hoofdzakelijk winst wil maken, dan kan de fiscus oordelen dat ze zich gedraagt als een concurrentiële onderneming. In dat geval kan de vzw vennootschapsbelasting verschuldigd zijn (die een pak hoger ligt dan de normale rechtspersonenbelasting). Ook vermomde waardeoverdrachten, zoals bijvoorbeeld buitensporige lonen voor de bestuurders van een vereniging, zal de fiscus bestempelen als winstuitkering.

Een stichting mag ook geen winsten uitkeren, tenzij aan derden en voor zover die stroken met haar belangeloos doel. Zo kan een stichting voor mensen met een handicap de opleiding van haar doelgroep financieren.